Community Abonneren
×

Geestelijke verzorging thuis voorziet duidelijk in behoefte

De subsidieregeling Geestelijke Verzorging Thuis heeft ervoor gezorgd dat mensen in de thuissituatie vaker een beroep zijn gaan doen op deze ondersteuning. Dit onderstreept de waarde ervan in de huidige samenleving, waarin sprake is van individualisering en ontkerkelijking. De structuren om naar elkaar om te zien zijn daardoor aangetast, maar de behoefte eraan – als wezenlijk onderdeel van zingeving – blijft onverminderd bestaan.

De in 2019 vanuit het ministerie van VWS geboden subsidieregeling Geestelijke Verzorging Thuis is succesvol genoeg gebleken om die verlenging te gunnen tot 2026. De regel voorziet erin dat iedereen die vijftig jaar of ouder is en patiënten in de palliatieve fase en hun naasten recht hebben op maximaal vijf kosteloze gesprekken aan huis met een gekwalificeerde geestelijke verzorger. “Er wordt steeds vaker een beroep op gedaan”, zegt Moritz Pfähler. “Mensen komen bij ons via de huisarts, thuiszorg, wijkverpleging of sociaal domein, maar vinden ons ook wel zelf via internet. We betreuren het dat de minimumleeftijd op vijftig jaar ligt, want ook jongeren kunnen met levensvragen worstelen. Dit hebben we ook wel aangekaart, maar voor de overheid is het echt bedoeld voor de ouder wordende inwoner thuis. Soms vindt het gesprek plaats in de huisartspraktijk of op een andere plek, maar in principe ontmoeten we mensen thuis.”

De geestelijk verzorger gaat het gesprek aan over de thema’s die  mensen bezighouden. “De geestelijk verzorger heeft daarbij verschillende methoden om het leven te bevragen”, zegt Pfähler, “de autobiografie van de persoon, of vragen over wat iemand beweegt, blij maakt en energie geeft.”

Blijvende behoefte

Zingeving is ten diepste een proces dat in beweging is, stelt Pfähler. “Wat iemand tien jaar eerder heeft gevormd en plezier gaf, hoeft tien jaar later niet meer geldig te zijn”, zegt hij. “Maar er is wel altijd behoefte aan zingeving. Ook als je je bij iets neerlegt, moet je het nog wel kunnen aanvaarden.”

In de tweede lijn is de geestelijke verzorging al heel lang beschikbaar. Maar ouderen gaan minder snel naar een verpleeghuis en patiënten worden sneller dan voorheen na een ziekenhuisopname ontslagen. “In de eerste lijn was de functie helemaal niet beschikbaar tot die subsidieregeling er in 2019 kwam”, zegt Pfähler. “Inmiddels maken we onderdeel uit van het integraal zorgaanbod in de eerste lijn. Naar het effect ervan wordt op meerdere plaatsen onderzoek gedaan, bijvoorbeeld bij de Universiteit voor Humanistiek, ZonMw en de expertisecentra voor geestelijke verzorging thuis. De overheid stelde dat ook als voorwaarde voor de subsidieregeling. We weten uit feedback van mensen die er gebruik van maken dat zij leren relativeren en dat ze door de gesprekken in hun kracht worden gesteld, zodat hun coping en veerkracht worden versterkt.”

Het hele artikel lezen? Dit kan je hier downloaden.